Recht op aardgasaansluiting ingeperkt

22 augustus 2017
Teaser: 

Tot voor kort kon de consument genieten van een vrijwel onaantastbaar recht om een aardgasaansluiting te kunnen verkrijgen. Van zodra de eigenaar verzocht om een aardgasaansluiting waren de aardgasdistributienetbeheerders verplicht om die effectief aan te leggen en om de kosten daarvan volledig op zich te nemen. Het type gebouw was daarbij niet relevant: het mocht dus zowel gaan om een woongebouw als om een commercieel, logistiek, … gebouw.  Na aanhoudend verzet van de distributienetbeheerders werd het recht op aardgasaansluiting onlangs ingeperkt.

Door de vooruitgang inzake de energieprestaties van nieuwe gebouwen daalde het verbruik en daardoor ook de rendabiliteit van nieuwe aardgasaansluitingen. De kost voor het aanleggen ervan woog daardoor steeds zwaarder door. Eandis rekende zo uit dat de rendabiliteit alleen gevrijwaard is bij uitbreidingen van het net van maximaal 12,5 meter, terwijl de afstand naar nieuwe aansluitingen gemiddeld 30 meter bedraagt.

Enkel huishoudelijk gebruik
Om aan de toenemende druk op de rendabiliteit voor de netbeheerders tegemoet te komen, werd een decretale wijziging goedgekeurd die het recht op aardgasaansluiting nuanceert. Ten eerste werd het recht ingeperkt tot aardgas voor huishoudelijk gebruik. Een aardgasaansluiting naar een commerciële eenheid of een logistiek gebouw, … zal dus niet langer per definitie moeten worden aangelegd wanneer de eigenaar erom vraagt. Dat geldt wel nog steeds voor woongelegenheden.

Kosten delen
Maar, voor woongelegenheden geldt dan wel dat de netbeheerder alleen de kost voor het rendabele gedeelte op zich moet nemen en dat de overige kost (weliswaar beperkt tot €250) ten laste komt van de aanvrager.

Ook voor huurders
Anderzijds hoeft die aanvrager niet langer de eigenaar te zijn; ook huurders kunnen nu beroep doen op het recht op aardgasaansluiting, al zullen zij dan wel financieel moeten tussenkomen voor het niet-rendabele deel.

In een beperkt aantal gevallen is de netbeheerder zelfs niet meer verplicht om het rendabele deel op zich te nemen. Dat is met name het geval wanneer de woningen bijzonder energiezuinig zijn of er speciale voorzieningen aanwezig zijn of gepland zijn in het geval van verkavelingen. Het gaat meer bepaald om biogasnetten, warmtenetten of bij e-peilen van minder dan E20. Ook wanneer de volledige verwarmingsbehoefte ondervangen wordt door hernieuwbare energiebronnen of een warmtepomp valt de verplichting ten aanzien van Eandis en Infrax weg.

Deze nieuwe regeling is in werking getreden op 5 juni 2017.

Bronnen:

  • Decreet van 10 maart 2017 tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft de aansluitbaarheid op een aardgasdistributienet en tot bevestiging van de continuïteit van de sanctionering van de energieprestatieregelgeving (BS 10 04 2017)
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 28 april 2017 tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft de bepaling van de gevallen waarin er geen tenlastneming is van een rendabel deel van de kosten door de aardgasdistrubitienetbeheerder, vermeld in artikel 4.1.16 van het Energiedecreet van 8 mei 2009 (BS 26 05 2017)

 

Share: