Wat je moet weten over het Waals wetboek Ruimtelijke Ordening

05 september 2017
Teaser: 

1 juni 2017 was een belangrijke dag voor de regelgeving rond ruimtelijke ordening in Wallonië. Dan is immers de nieuwe Code du Développement Territorial in werking getreden, ofwel het Waals Wetboek Ruimtelijke Ontwikkeling. Daarbij werd de volledige vigerende regeling inzake ruimtelijke ordening aangepast, waaronder ook de regeling inzake de informatieplicht RO. Zo maakt het nieuwe Wetboek voor Ruimtelijke Ontwikkeling geen melding meer van een informatieplicht in de publiciteit. Ander belangrijk aandachtspunt is dat de voorkooprechten zijn uitgebreid.

Artikel D.IV.99 van de CoDT voorziet dat bepaalde informatie verplicht moet worden opgenomen in ‘elke akte onder de levenden, ongeacht of hij onderhands of authentiek is, in elke akte van overdracht, ongeacht of hij een akte van aanwijzing, oprichting of overdracht is van een zakelijk recht of van een persoonlijk genotsrecht van meer dan negen jaar, met inbegrip van de akten tot vestiging van een hypotheek of een genotspand’.

Niet alleen authentieke aktes
Concreet betreft het dus niet alleen de authentieke aktes maar evenzeer de onderhandse verkoopovereenkomsten, alsook de akten tot vestiging van een hypotheek, de vestiging of overdracht van een zakelijk recht (vruchtgebruik, erfpacht, …), huurcontracten met een termijn van meer dan negen jaar, …

Alleen de overdrachten die verbonden zijn aan een huwelijk of aan een wettelijke samenleving zijn vrijgesteld.

De volgende gegevens moeten vermeld worden:

A. De informatie vervat in het stedenbouwkundig attest, te weten:

  1. de voorschriften van het gewestplan, met inbegrip van het gebied, het bodembestemmingsplan, de tracés, de omtrekken, de inrichtingsmaatregelen en de toe te passen bijkomende voorschriften
  2. of het onroerende goed wegens de ligging geheel of gedeeltelijk onderworpen is aan de toepassing van een gewestelijke stedenbouwkundige handleiding
  3. de ligging tegenover het ontwerp-gewestplan
  4. de ligging ten opzichte van een meergemeentelijk ontwikkelingsplan, een gemeentelijk plan of een ontwerp van meergemeentelijk ontwikkelingsplan of van gemeentelijk plan, een gemeentelijke leidraad voor stedenbouw of een ontwerp van gemeentelijke leidraad voor stedenbouw of nog een bebouwingsvergunning
  5. of het goed onderworpen is aan het voorkooprecht of opgenomen is in een onteigeningsplan en desgevallend de gerechtigden van het voorkooprecht of de onteigenende overheid, evenals de datum van het onteigeningsbesluit
  6. of het goed :
  • gelegen is in één van omtrekken van te herontwikkelen locaties, van de locaties met herstel van landschap en leefmilieu, van stedelijke verkaveling, stadsheropleving of stadsvernieuwing (art. D.V.1, D.V.7, D.V.9, D.V.12 of D.V.13 van de CoDT)
  • ingeschreven is op de beschermingslijst ( art. 193 van het Waalse Erfgoedwetboek
  • beschermd is (art. 196 van het Waalse Erfgoedwetboek )
  • gelegen is in een beschermingsgebied (art. 209 van het Waalse Erfgoedwetboek)
  • gelegen is in een gebied opgenomen op de kaart van de archeologische zonering of in een locatie opgenomen in de inventaris van het archeologisch erfgoed (art. 233 van het Waalse Erfgoedwetboek)
  • voorwerp uitmaakt van een beschermingsmaatregel krachtens de wetgeving betreffende het erfgoed (enkel in het Duitse taalgebied)

7. of het goed uitgerust is met een installatie voor de zuivering van afvalwater en toegang verschaft tot een weg die uitgerust is met water- en elektriciteitsleidingen, met een wegverharding en die voldoende breed is, rekening houdende met de ligging

8. de gegevens betreffende het goed die ingevoerd zijn in de gegevensbank inzake bodeminformatie (art. 10 van het Decreet betreffende het Bodembeheer)

9. of het goed blootgesteld is aan een risico op zwaar ongeval, aan een natuurrisico of grote geotechnische druk en of het gelegen is in een domaniaal of erkend natuurreservaat, een bosreservaat of een Natura 2000-locatie en of het een wetenschappelijk waardevolle ondergrondse holte of een biologisch waardevol biologisch gebied (art D.IV.57, 2° tot 4° CoDT) omvat

10. of het goed opgenomen is in het plan voor permanente bewoning

B. Het bestaan, het voorwerp en de datum van de verkavelingsvergunningen, van de bebouwingsvergunningen, van de bouw- en stedenbouwkundige vergunningen voor groepen van bouwwerken, die afgegeven zijn na 1 januari 1977, evenals van de stedenbouwkundige attesten die minder dan twee jaar oud zijn en, voor het Franse taalgebied, van de geldige erfgoedattesten

C. De bemerkingen van het gemeentecollege of de gemachtigd ambtenaar bij een plan van verdeling overeenkomstig art. D.IV.102 van de CoDT

D. Dat de overdrager(s) de handelingen en werken die krachtens artikel D.VII.1, § 1, 1, 2° of 7°, een inbreuk vormen, al dan niet uitgevoerd heeft (hebben) en, in voorkomend geval, dat een proces-verbaal opgemaakt is.

In elke akte (authentieke of onderhandse verkoopovereenkomst) moeten verder een aantal vermeldingen opgenomen worden:

  1. dat er geen enkele mogelijkheid bestaat om op het goed vergunningsplichtige werken en handelingen (opgelijst in art. D.IV.4 CoDT) te verrichten, zonder een stedenbouwkundige vergunning gekregen te hebben
  2. dat er regels bestaan met betrekking tot het vervallen verklaren van de stedenbouwkundige vergunningen
  3. dat men ondanks het bestaan van een stedenbouwkundig attest niet ontheven wordt van de verplichting om de vereiste vergunning aan te vragen en te verkrijgen

Het stedenbouwkundig attest (Waals equivalent van het stedenbouwkundig uittreksel) moet uiteraard opgevraagd worden bij de overheid.

De verplichting om deze informatie op te nemen geldt ten laste van de verkoper, éénieder die als gemachtigde van de verkoper optreedt (zoals de vastgoedmakelaar) en de notaris.

Als de gegevens niet door de overheid zijn aangereikt binnen de voorziene termijn kan in de akte de datum worden vermeld waarop aangetekend het verzoek tot het verstrekken van de inlichtingen is uitgestuurd, alsook de vermelding dat de inlichtingen niet zijn verstrekt en dat de akte verleden wordt ondanks het uitblijven van een antwoord vanwege het bestuur.

Geen informatieplicht in de publiciteit
Het nieuwe Wetboek voor Ruimtelijke Ontwikkeling maakt geen melding meer van een informatieplicht in de publiciteit. Deze vorm van informatieplicht is dus op 1 juni 2017 komen te vervallen!

Voorkooprechten uitgebreid
Ander belangrijk aandachtspunt is dat de voorkooprechten zijn uitgebreid, zodat niet alleen de Nationale Landmaatschappij een voorkooprecht kan inroepen maar ook het Waals gewest, de gemeentes, de OCMW’s, de intercommunales en de Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij.

Het voorkooprecht geldt verder voortaan voor alle percelen die opgenomen zijn in een inventaris die door de Waalse Regering zal worden opgemaakt en niet langer louter voor landbouwgronden. Tot die inventaris wordt gevestigd, blijft de toestand echter bij het oude en geldt louter het voorkooprecht voor de Nationale Landmaatschappij.

Bron: Decreet van 20 juli 2016 tot opheffing van het decreet van 24 april 2014 tot opheffing van de artikelen 1 tot 128 en 129quater tot 184 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie, tot opheffing van de artikelen 1 tot 128 en 129quater tot 184 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium en tot vorming van het Wetboek van Ruimtelijke Ontwikkeling (BS 14 11 2016)

De modeldocumenten op CIBweb werden allemaal aan de nieuwe regelgeving aangepast.

 

 

Share: